Amber de Boo

#16
Amber

'Wij zijn afhankelijk van de natuur, het is onze levensbron. Daar moeten we echt serieus goed voor blijven zorgen'

Amber de Boo (54) werd geboren in Oss en woont inmiddels al 35 jaar in Eindhoven. Ze is medewerker dierenverzorging, werkt als vrijwilliger in een weggeefwinkel en is coördinator zwerfafval opruimen voor haar wijk Genderdal, voor de Troeptroopers. Voor haar is de Partij voor de Dieren de enige partij die aansluit bij alles wat zij belangrijk vindt. “Van heel jongs af aan voelde ik hoe oneerlijk en onrechtvaardig de wereld in elkaar zit. De uitspraak ‘welzijn boven welvaart’ vat het mooi samen, want in mijn ogen gaat die zogenaamde welvaart steeds meer over lijken. Letterlijk en figuurlijk. Alles wat deze planeet mooi maakt en nodig heeft om gezond te blijven, moet wijken voor de hebzucht van de mens.”

Minder maaien, meer biodiversiteit

Met haar immense dierenhart staat dierenwelzijn voor Amber op nummer één. “Veel mensen beseffen helaas niet hoe gruwelijk en barbaars de vlees- en zuivelindustrie is. Maar ook gelijke rechten,  racisme, het klimaat: het hangt allemaal met elkaar samen. Door actief te zijn hoop ik een steentje bij te dragen en me iets minder machteloos te voelen in deze keiharde wereld.”

Wat Amber in Eindhoven graag zou willen zien is dat er minder gemaaid wordt. “Ondanks het maaibeleid, wordt er nog steeds veel weggemaaid terwijl het nog in bloei staat. Dat is funest voor de insecten en biodiversiteit. Ook zou ik graag willen dat er veel meer aan het peukenprobleem wordt gedaan, zoals campagnes en opvallende asbakken.”

Voor iedereen

Stemmen op de Partij voor de Dieren gaat om wat belangrijk en zelfs cruciaal is voor alles wat leeft, vindt Amber. “Mensen die zich er niet in verdiepen, hebben vaak een vertekend beeld van de partij. Het gaat echter om zoveel meer dan geitenwollen sokken en pluizige diertjes. Wij zijn afhankelijk van de natuur, het is onze levensbron. Daar moeten we echt serieus goed voor blijven zorgen. Daar wordt iedereen beter van. We kunnen gewoon niet zonder. We kunnen wel heel goed zonder een berg luxe.”