Raads­vragen: Brand­brief Brabant van het slot


Indiendatum: 23 jun. 2023

Geacht college,

Wij waren enigszins verbaasd toen we gisteren een brandbrief onder ogen kregen van de B7 gericht aan de Provinciale Staten met het verzoek “Haal Brabant van het slot”, die mede is ondertekend door wethouder Verhees.

De redenen dat wij verbaasd zijn is dat wij hierover niet door de wethouder zijn geïnformeerd, maar dit moesten vernemen via de raad van Den Bosch die daar wel van op de hoogte zijn gesteld.

In de brief wordt uitdrukkelijk aangegeven dat het besluit van de provincie desastreuze gevolgen heeft voor de woningmarkt. Echter heeft de wethouder ons op 13-04-2023 middels een collegebrief geïnformeerd dat het besluit van de Provincie om geen natuurvergunningen te verlenen geen consequenties heeft voor Eindhoven, op één project na.

Ook wordt in de brief een duidelijke oproep gedaan aan de Provincie om haar verantwoordelijkheid te nemen:

“De provincie moet daarom zijn natuurherstel nu zeer snel op orde brengen, zodat er weer ruimte ontstaat voor vergunningen. Op die manier loopt de woningmarkt niet verder vast. En kunnen duizenden woningzoekende (nieuwe) Brabanders weer perspectief krijgen, terwijl dit gepaard gaat met natuurherstel in Brabant. Oplossingen zullen hierin zeker niet eenvoudig zijn. Maar waar je als bevoegd gezag het besluit neemt om onze provincie op slot te zetten, heb je ook de dure plicht en verantwoordelijkheid om -even zo snel- weer perspectief te bieden aan onze inwoners.”

Wij delen de zorgen in Brabant, maar een en ander heeft toch bij ons tot de volgende vragen geleid:

1. Waarom heeft de wethouder ons na 4 april 2023 (Collegebrief Gevolgen besluit Provincie) niet verder geïnformeerd dat zij zich toch grote zorgen maakt om het besluit van de Provincie en waarom heeft zij ons niet op de hoogte gesteld van de brandbrief aan de Provincie?

2. Heeft de wethouder nu wellicht meer inzicht in projecten die stil komen te liggen, nu zij deze brief heeft mede ondertekend?

3. Het stikstofprobleem is hoofdzakelijk een landbouwprobleem dankzij de productie en import van krachtvoer en kunstmest. Maar ook onze stad stoot actieve stikstofverbindingen uit. Bent u bereid om met de gedeputeerde staten in gesprek te gaan over de mogelijkheden tot reductie om gezamenlijk aan deze opgave te staan? Zo nee, waarom niet?

Indiendatum: 23 jun. 2023
Antwoorddatum: 11 jul. 2023

1. Waarom heeft de wethouder ons na 4 april 2023 (Collegebrief Gevolgen besluit Provincie) niet verder geïnformeerd dat zij zich toch grote zorgen maakt om het besluit van de Provincie en waarom heeft zij ons niet op de hoogte gesteld van de brandbrief aan de Provincie?

Het stikstofdossier is een complex dossier waaraan grote politieke en bestuurlijke consequenties zijn verbonden. De provincies zijn belast met het afgeven van natuurvergunningen, noodzakelijk voor de voortgang van veel bouw- en infraprojecten (Wet natuurbescherming). Ook moeten zij uitvoeringsprogramma’s opstellen voor de aanpak en oplossing van het stikstofprobleem (Wet Stikstofreductie en natuurverbetering).

Op dinsdag 20 juni heeft de provincies tijdens een bestuurlijk Overlegtafel Stikstof (BBTS) haar acties rondom de uitvoeringsprogramma’s toegelicht. Bij dit overleg kon onze wethouder niet aansluiten vanwege college- en raadsverplichtingen. Tijdens dit overleg kwam naar voren dat, door het mislukken van de coalitie-onderhandelingen, er geen nieuw College van Gedeputeerde Staten is. Tegelijkertijd is op rijksniveau ook het landbouwakkoord gestrand.Dit is voor de betrokken bestuurders aanleiding geweest om als Brabantse grote gemeenten (B7) een brandbrief op te stellen over het uitblijven van voortgang op het stikstofdossier. We delen de zorg over het achterblijven van de Brabantse woningbouwopgave.

Gezien de urgentie vanuit vooral ’s-Hertogenbosch en Breda om deze brandbrief te sturen, was het niet mogelijk om u als raad vooraf te informeren.Voor Eindhoven is de urgentie er ook, echter lopen er op dit moment geen concrete vergunningprocedures waarbij stikstofdepositie een belemmering vormt. Dit laat onverlet dat dit in de toekomst wel het geval kan zijn.

2. Heeft de wethouder nu wellicht meer inzicht in projecten die stil komen te liggen, nu zij deze brief heeft mede ondertekend?

Voor Eindhoven geldt nog steeds dat er geen omgevingsvergunningen stil liggen als gevolg van stikstof. Echter, er lopen wel een aantal beoordelingstrajecten voor projecten in Eindhoven waarbij de stikstofemissie een dilemma kan gaan vormen.

3. Het stikstofprobleem is hoofdzakelijk een landbouwprobleem dankzij de productie en import van krachtvoer en kunstmest. Maar ook onze stad stoot actieve stikstofverbindingen uit. Bent u bereid om met de gedeputeerde staten in gesprek te gaan over de mogelijkheden tot reductie om gezamenlijk aan deze opgave te staan? Zo nee, waarom niet?

Stikstof is een aantasting van de luchtkwaliteit en als zodanig onderwerp van maatregelen binnen het Schone luchtakkoord (www.schoneluchtakkoord.nl). Als gemeente zijn we sinds medio 2021 aangesloten bij dit akkoord en streven we er naar om de luchtverontreiniging, waaronder o.a. de emissie van stikstofverbindingen, te verminderen. Dit doen we samen met regionale gemeenten en de provincie, omdat de aanpak van Luchtkwaliteit een regionaal of zelfs provinciaal probleem is.

Bij het Schone Lucht Akkoord (SLA) gaat het om het voorkomen van gezondheidsbelasting door de uitvoering van concrete projecten, waaronder het innovatieve Luchtmeetnet (ILM2.0), milieuzonering, extra aandacht voor emissies van industriële bedrijven (het zogenaamd schoner vergunnen) en extra aandacht aan communicatie over de luchtkwaliteit naar burgers, om het bewustzijn rondom luchtkwaliteitsmaatregelen te vergroten. Verder nemen we als gemeente actief deel in de gebiedsgerichte groen-blauwe aanpak ook wel “GGA groen blauw-traject” genoemd, waarin we gezamenlijk met onder andere provincie en Waterschap, werken aan natuurherstel voor het Natura 2000-gebied.

Naast het actief deelnemen aan het Schone Luchtakkoord en het “GGA traject”zien wij als bestuur op dit moment geen aanvullende mogelijkheden om gezamenlijk met de provincie actieve stikstofverbindingen te reduceren.